Archief

Posts Tagged ‘David Heek’

Een profeet zonder boodschap

Profeten in het Oude Testament hadden een verantwoordelijke positie. Zij gaven de woorden van God door. De boodschappen die ze aan het volk verkondigden hadden ze direct van God ontvangen. Daaraan ontleenden ze hun gezag. God nam het juist hun bijzonder kwalijk wanneer ze hun positie misbruikten om hun eigen ideeën aan de man te brengen. Ze bekleedden die met goddelijk gezag, terwijl ze aan hun eigen brein ontsproten waren.

Na de afsluiting van de canon van de Schrift zijn zulke profeten er niet meer. Het valt niet uit te sluiten dat God mensen direct kan aanspreken. Het staat de heilige Geest tenslotte vrij zijn eigen middelen te kiezen om mensen op een bepaald spoor te zetten. Maar dat zijn dan wel boodschappen voor persoonlijk gebruik. De oorsprong ervan kennen alleen zij zelf. De buitenwereld moet zich van een oordeel daarover onthouden, tenzij de inhoud van die ‘openbaring’ strijdig is met het geopenbaarde Woord van God.

Daarom moeten we terughoudend zijn met te spreken over ‘moderne profeten’ en over ‘profetisch spreken’. Het is nogal wat wanneer van iemand gezegd wordt dat hij “een profeet (is) door God gezonden, maar niet geliefd omdat hij de waarheid spreekt.” Deze typering gebruikt een lezeres in een ingezonden in het Nederlands Dagblad van 4 december voor David Heek. De aanleiding is het vraaggesprek met deze aan de Theologische Universiteit van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) afgestudeerde theoloog in het Nederlands Dagblad van 27 november.

Nu is het best mogelijk dat mensen in onze tijd profetisch spreken. Daarvan kan sprake zijn wanneer ze de boodschap van de Schrift grondig hebben bestudeerd, die zich eigen hebben gemaakt en in staat zijn die toe te passen op de tijd waarin we leven. Maar altijd zal ook hun boodschap moeten worden getoetst aan de Schrift. Alvorens iemand per ingezonden brief de profetenmantel om te hangen, is het raadzaam zich kritisch te bezinnen op de boodschap die hij brengt. En zolang iemand geen kerkelijk ambt bekleedt is er geen enkele grond hem als “door God gezonden” te beschouwen. In de kerk is alleen hij door God gezonden, die Hij via zijn gemeente tot het ambt roept.

Nu is niemand verantwoordelijk voor de etiketten die anderen hem opplakken. Maar Heek geeft wel aanleiding tot zulke etikettenplakkerij. Hij vergelijkt zich met Amos en zegt dat hij met het klimmen van de jaren “pastoraler en herderlijker” wil worden dan hij is, maar “dat profetische wil ik houden”. Daarmee trekt hij ook zelf de profetenmantel aan, en dat lijkt me voor iemand die nog geen roeping heeft ontvangen en geen verantwoordelijkheid voor een gemeente heeft gedragen, een vorm van overmoed.

Zou hij trouwens zelf de tegenspraak in zijn woorden beseffen? Hij erkent dat zijn spreken niet pastoraal is. Veroordeelt hij daarmee niet zichzelf? Want als er iets is dat het spreken van de profeten van het Oude Testament kenmerkte, was dat het pastoraal was. De bedoeling was immers de kudde van God terug te roepen tot de grote herder? Dat sloot harde woorden bepaald niet uit, maar daarin was steeds het warmkloppende hart van God hoorbaar. In het interview ontbreekt dat geheel.

Het volk van God in het Oude Testament was lastig, tegendraads en eigenwijs. Lees de toespraak van Mozes in Deuteronomium er maar op na. Daarin wordt het volk er nog eens met de neus op gedrukt hoe vaak het zich tegen Gods wil heeft verzet. Maar God geeft zijn volk niet op. Er worden waarschuwingen uitgedeeld en bedreigingen geuit, maar steeds met het perspectief van zegen bij bekering. Al die lastige Israelieten worden niet afgeschreven. Dat is nog eens wat anders dan de manier waarop Heek mensen wegzet die moeite hebben met zijn manier van preken of zich op een in zijn ogen ongewenste manier gedragen.

Mozes en de profeten van het Oude Testament waren ook concreet als ze het kwaad aanwezen. Ze kwamen niet met algemeenheden in de vorm van sweeping statements waarin hun toehoorders zich niet konden herkennen. Predikanten hebben volgens Heek te grote salarissen. In de kerk bepalen de regels het spel. Er is in de kerk een gebrek aan gemeenschap, “we houden niet van elkaar en we bidden niet voor elkaar”. In de meeste preken staat Christus niet centraal. Deze ongenuanceerde manier van oordelen waarbij persoonlijke ervaringen op een gehele gemeenschap worden geprojecteerd, hebben meer gemeen met de stijl van Wilders dan met de stijl van de profeten.

Wie zich opwerpt als profeet moet worden getoetst op het profetisch karakter van zijn spreken. Van dat profetisch karakter blijkt in het interview niets. Vooralsnog is Heek een profeet zonder boodschap. Er mag van alles mis zijn met de kerk, aan zo’n profeet heeft ze geen behoefte. En wie zelf erkent dat het hem aan herderlijkheid ontbreekt, kan de profetenmantel beter aan de kapstok laten hangen.

Advertenties